Search billions of records on Ancestry.com

Visit RootsWeb The Belgium-Roots logo will be displayed soon at this place ...
BELGIUM-ROOTS Project
Languages

Flemisch

Poems, ...

http://belgium.rootsweb.com/
Search Help
Home > Research > Languages > Flemish
Section Map

In Flanders Fields

In Flanders Fields the poppies blow
Between the crosses, row on row,
That mark our place; and in the sky
The larks, still bravely singing, fly,
Scarce heard amid the guns below.
 
We are the Dead. Short days ago
We lived, felt dawn, saw sunset glow,
Loved and were loved, and now we lie
In Flanders Fields.
 
Take up our quarrel with the foe;
To you from failing hands we throw
The torch; be yours to hold it high.
If ye break faith with us who die
We shall not sleep, though poppies grow
In Flanders Fields


World War I poem by Lt-Colonel John McCrae

John McCrae 1872-1918 was a Canadian physician, soldier, and poet. He contributed verses to Canadian periodicals before WWI. But he did not become famous until 1915 when he published 'In Flanders Fields' in Punch, an English magazine. His poems were published after his death under the title 'IN FLANDERS FIELDS, AND OTHER POEMS'(1919).

McCrae was born at Guelph, Ontario, and was graduated from the University of Toronto. In 1900, he became a pathologist at McGill Univ and at Montreal General Hospital. As the chief medical officer at a general hospital in Boulogne, France, in WWI, he witnessed the suffering and death he wrote about. He died of pneumonia 10 months before the end of WWI.

Written by Desmond Pacey, in the World Book Encyclopedia.

 


Waasland

Land in een gordel van stromen geprangd,
Vlakten der zee waarin Polders zich spreiden,
Meren van lover met kammen van heide,
Lucht waar de zon taferelen in brandt.
 
Refrein:
 
Land onzer vaadren uit Wase geboren,
Grond van ons Vlaandren gewonnen door strijd,
Jonge geslachten betreden uw voren,
Staan met de hakke en strijdbijl bereid!
 
Volk dat woestijnen in tuinen omschiep,
Bouwers van dijken, bedwingers van vloeden,
Strijders om aalter en haardstee te hoeden,
Zaaiers van weelde uit arbeid gediept.
 
Weelde voor d'ogen en eer van ons bloed,
Arbeid en kunst zullen blijvend u kronen,
Waasland u blijven we trouwe betonen,
Schoonheid en kracht gij ons erfdeel en goed.

Lyrics: L de Wilde
Music: F. van Durme

 


De WaseKlompenboer

Doorheen het Land van Waas,
Waar zich de weien reien,
Langs bollige kasseien.
Daar stapt ons boerke Naas,
Met kloeke kleppertred.
Zo komt hij op zijn schuiten,
Ons boerke van de buiten
Van boter is zijn hert.
 
Refrein:
 
Van klop, klop, klop,
Van klepper, klapperklop,
Van wilgen zijn zijn blokken
Maar van eik is zijn kop.
Van klop, klop, klop,
Van klepper, klapperklop,
En waar zich één niet voegen wil
Legt hij de klomp er op!
 
Hij heeft met zijn boerin,
Wel zeven kleine boerkens
Al blozend blije broerkens.
Die maken 't naar zijn zin,
Dat kleffert door de klei.
Bij eggen en bij ploegen.
Dat ploetert met genoegen,
En moeder kookt de brij.
 
En 's zondags gaat hij rond,
Langs klaver, biet en koren,
Een lekker pijpke smoren.
Hij stapt op eigen grond.
En als het kermis luidt,
Uit zware Wase klokken,
Dan schuurt de boer zijn blokken.
En haalt de hespen uit.


Lyrics: Y. Waegemans
Music: E. Hullebroeck


De Vlaamse Leeuw

Zij zullen hem niet temmen, de fiere Vlaamse Leeuw,
Al dreigen zij zijn vrijheid met kluisters en geschreeuw.
Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

De tijd verslindt de steden, geen tronen blijven staan:
De legerbenden sneven, een volk zal nooit vergaan.
De vijand trekt te velde, omringd van doodsgevaar.
Wij lachen met zijn woede, de Vlaamse Leeuw is daar

Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.
 
Hij strijdt nu duizend jaren voor vrijheid, land en God;
En nog zijn zijne krachten in al haar jeugdgenot.
Als zij hem machteloos denken en tergen met een schop,
Dan richt hij zich bedreigend en vrees'lijk voor hen op.

Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

Wee hem, de onbezonnen', die vals en vol verraad,
De Vlaamse Leeuw komt strelen en trouweloos hem slaat.
Geen enkle handbeweging die hij uit 't oog verliest:
En voelt hij zich getroffen, hij stelt zijn maan en briest.

Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.

Het wraaksein is gegeven, hij is hun tergen moe;
Met vuur in't oog, met woede springt hij den vijand toe.
Hij scheurt, vernielt, verplettert, bedekt met bloed en slijk
En zegepralend grijnst hij op's vijands trillend lijk.

Zij zullen hem niet temmen, zolang een Vlaming leeft,
Zolang de Leeuw kan klauwen, zolang hij tanden heeft.


Lyrics: Hippoliet van Peene (1811-1864)
Music: Karel Miry (1823-1889)
Composed in 1847

 


Lied van mijn Land

Lied van mijn land, 'k zal U altijd horen
Uit alle dalen der herinnering,
Over de heuvlen van ruisend koren
en de rivier in haar steigering.
 
Keervers:
Liefelijk land, in de bruisende horen
Hoor ik U Vlaandren en zing en zing!
 
Lied van mijn land, 'k zal U altijd horen
Uit alle dorpen in de deemstering,
En uit de warmte der huizen rond de toren
Onder de huif van de zomerwind.
 
Lied van mijn land, 'k zal U altijd horen
Lied van verlangen en vertedering,
Dat met de kinderen altijd herboren,
Zacht met de doden tot zaak verzinkt.



Lyrics: Anton van Wilderode
Music: E.H. Ignace de Schutter
Composed in ----


Ik ben van den buiten

Ik kreeg van mijn ouders,
Van ieder mijn part,
Van mijn vader mijn schouders,
Van moeder mijn hart.
Ik vocht om mijn stuiten
Met zuster en broer.
Ik ben van den buiten,
Ik ben van den boer!
 
Bij d'eigensten pachter,
Eerst koeier, dan knecht,
Mijn klakke van achter,
Mijn hoofd immer recht,
Zoo dien 'k om mijn duiten
En teer op mijn toer.
Ik ben van den buiten,
Ik ben van den boer!
 
Ik zout en ik zaaie,
Ik eg en ik ploeg,
Ik mest en ik maaie,
Ik zweet en ik zwoeg,
Ik klets in de kluiten,
Ik glets in de moer.
Ik ben van den buiten,
Ik ben van den boer!
 
En hebben de zeisens
Gezinderezind;
De mallende meisens
De wagens gepint;
Dan zit ik te fluiten,
Van boven op 't voer:
Ik ben van den buiten,
Ik ben van den boer!

Lyrics: René de Clercq
Music: A. Schrey
Composed in ----


Top of Page

http://belgium.rootsweb.com/
Search Help

Help with this topic can be obtained from the Support Team Member not yet available
The information on this page was submitted until 17 Mar 2000 by Georges Picavet, , , ,
If you have technical problems with this site, or this page, click on belgium-roots@advalvas.be
This web site is the collective work of the subscribers to the mail list BELGIUM-ROOTS-L founded June 1998 by Georges Picavet (see our members page and the copyrights page for more info)
Q:\webbeta\rw_belgiumroots\lang\flemish\flanders_litt_01.html (br_lang_fl)
This Global file was last updated 18/01/2007 23:48:45 CET and uploaded Thursday, 18-Jan-2007 16:12:41 MST
Counter Rootsweb